Het spel spelen

Spelbrekers

Met proeflokaal Ludentes bied ik sinds september enkele spelconcepten die gericht zijn op verbinding. Het was dan ook opvallend hoeveel deelnemers zich in de eerste weken ontpopten als ‘spelbreker’. Maar dan op de goede manier !!

(Zie ook de tekst onder deze blog over spelbrekers en de Amerikaanse verkiezingen.)


Deze constructieve meedenkers leerden me dat spelletjes zonder verdere context teveel een associatie oproepen met spelregels en dat mijn doelgroep dan al snel afhaakt. En dat terwijl ik met het proeflokaal juist ruimte wil bieden aan de spelende mensch.


Spel en spelen vormen dus een interessante paradox. In deze blog onderzoek wat die paradox betekent voor het aanbod van Ludentes.


Spelregels

In het proeflokaal heb ik inmiddels een etalage vol coöperatieve en inspirerende spellen plus een zelf ontwikkeld dialoog- en besluitspel: de Tafel van de Toekomst. Allemaal bedoeld om ruimte te bieden voor samenwerking en dialoog.


Het was dan ook even schrikken toen bleek dat de eerste bezoekers van het proeflokaal helemaal niet zo dol zijn op spelletjes. Ze kwamen om te ‘spelen’ maar voelden zich door de regels toch wel wat beperkt in de vrijheid die daarbij hoort.


Maar ging het nou om de spelregels zelf of om de manier wáárop deze werden geïntroduceerd?

De spelende mensch

Mijn eerste ideeën over Ludentes gingen over een plek of context (ik noem het nu voorlopig een proeflokaal) waar ‘de spelende mensch’ zich kan ontplooien. Mijn inspiratie was toen en nog steeds een citaat uit het boek ‘Homo Ludens’. van de

Groningse filosoof Johan Huizinga

“Men kan bijna al het abstracte loochenen: recht, schoonheid, waarheid, goedheid, geest, God. Men kan den ernst loochenen. Het spel niet. Met het spel erkent men, of men wil of niet, den geest.” 

Ik heb dit citaat nog eens opgezocht in zijn boek (heel voorzichtig want het dateert van 1938) en las hoe hij daarna het volgende schrijft: “Alle spel is allereerst een vrije handeling. Bevolen spel is geen spel meer.” Maar ook “Spel is niet het ‘gewone’ of ‘eigenlijke’ leven. Het is het uittreden daaruit in een tijdelijke sfeer van activiteit met een eigen strekking.” 

En dan over de spelregels: “Binnen de speelruimte heerscht een eigen en volstrekte orde. Ziehier meteen een nieuwe, nog meer positieve trek van het spel: het schept orde, het is orde. Het verwezenlijkt in de onvolmaakte wereld en het verwarde leven een tijdelijke, beperkte volmaaktheid.” 

Tijdelijke volmaaktheid

Spelregels bieden dus het idee van volmaaktheid in een tijdelijke en beperkte sfeer die los staat van het echte leven. Maar vervolgens wijdt Huizinga de rest van zijn boek aan een analyse van spel in onze samenleving.

Zowel in religie, kunst, wetenschap, handel als politiek kunnen we talloze elementen van het spel terugvinden. Huizinga: “De spelgemeenschap heeft een algemeene neiging blijvend te worden, ook als het spel is afgeloopen.” Als mens willen we dan graag een clubje vormen, een eigen cultus ontwikkelen en het liefst daar dan een hele cultuur omheen bouwen. 

Hoezo is het spel dan nog een tijdelijke en beperkte sfeer? In zijn doorwrochte analyse is uiteindelijk wel een conclusie te vinden, namelijk dat spel een functie heeft in de creatie van nieuwe cultuur en daarna in het voorkomen dat deze zichzelf

te serieus neemt.

Het spel is dus vooral

bedoeld als hulpmiddel om een cultuur spelend te houden of anders de opening te

bieden naar een nieuw alternatief door te gaan spelen met de bestaande regels.

Zo kunnen we elk domein van het leven hanteerbaar maken door middel van het spel.

Aanbod Ludentes

Oftewel, het spel biedt een tijdelijke context voor samenwerkingen die wat vastlopen in de dagelijkse praktijk. Een context waar men net even wat eerlijker, creatiever en onderling meer verbonden kan zijn. Om elkaar zo te inspireren tot net iets ander gedrag dat veel beter past. 

In het proeflokaal is de ‘framing’ van spel en spelen dus van groot belang. Hier worden geen spelletjes aangeboden, maar spelconcepten gericht op verbinding. Het aanbod wordt voortaan verpakt in een op maat samengestelde “Box van Babylon” (over dit aanbod kun je meer lezen via deze link). 

En deelnemers kunnen op elk moment besluiten om een spelregel af te schaffen als ze dit maar met een gedragen meerderheid doen én net zo democratisch bedenken hoe ze samen wél het doel van het spel bereiken. 

Alleen zo kunnen we in verbinding het spel spelen!

De spelbreker

In het licht van de presidentsverkiezingen in de Verenigde Staten is het heel interessant om de analyse te lezen die Huizinga (in 1938 al) heeft gemaakt van het spelelement in de Amerikaanse politiek. Volgens hem komt dat vooral tot uiting in de manier waarop de campagne en stemprocedures voor de presidentverkiezingen zijn georganiseerd. Deze moeten de Amerikanen in elk geval de indruk geven dat er iets te kiezen valt tussen twee partijen met dezelfde recente oorsprong. 

Die oorsprong ligt in de American Dream om een nieuwe samenleving te creëren met vrijheid en nieuwe regels. Maar de belangrijkste spelregels waarmee de founding fathers hun democratie wilden borgen, hadden toen al een lange geschiedenis. Huizinga wijst ons bijvoorbeeld op de Gentlemen’s Agreement uit het Britse parlement. Dit betreft alle omgangsvormen waar Donald Trump zich de afgelopen jaren weinig van aan lijkt te trekken (understatement). 

Daarom is het nu wel interessant wat Huizinga destijds al schreef over de spelbreker: hij houdt de rest een spiegel voor met de vraag of de spelregels nog wel functioneel zijn:

  • Zo ja, dan zal hij uit de groep worden gegooid.
  • Zo nee, dan creëert hij weer een nieuw spel met eigen regels. 

“Cultuur komt op in spelvorm….(en daarmee)…. drukt de gemeenschap haar interpretatie van het leven en van de wereld uit. Dit is zoo te verstaan dat cultuur in haar oorspronkelijke phasen het karakter van een spel draagt.” 

“Cultuur veronderstelt zekere zelfbeperking en zelfbeheersing, zeker vatbaarheid om in haar eigen strekkingen niet het uiterste en hoogste te zien, kortom zich besloten te zien binnen zekere vrijwillig aanvaarde grenzen.” 

“De spelbreker breekt hun tooverwereld, daarom is hij laf en wordt uitgestoten. Tenzij, en dit is veeltijds het geval, deze laatsten op hun beurt terstond een nieuwe gemeenschap vormen met een eigen, nieuwen regel. Juist de outlaw, de revolutionair, de geheime-cubman, de ketter, is buitengewoon sterk groepvormend en tegelijk bijna altijd van een sterk ludiek karakter.”

Leave your comment